Bepaalde ervaringen in mijn leven geven mij steun en staan symbool voor mijn totale leven. Zo heb ik in 2010 een bijzonder zware kanotocht volbracht waar voor mij veel zaken in zitten waar ik inspiratie en kracht uit haal. Het gaat hierbij o.a. om doelen stellen, beginnen, tegenslagen, overwinnen, doorzetten, offers brengen, succes en verlies. Door deze ervaringen heb ik later geleerd dat zaken als; opgeven, lief voor jezelf zijn, plan aanpassen, de reis en plezier ook belangrijke onderdelen zijn die ik daarvoor te veel verwaarloosde. Al met al was het voor mij een leven veranderende ervaring. ik deel het graag met je.
FRANEKER, de start.
Vrijdagochtend 3 september 2010. Mijn eerste Elfstedentocht non stop per kano gaat over 2 uur beginnen. Enigszins gespannen pak ik mijn tas in, leg de kano’s van mij en Jildau (mijn vrouw) op het dak van de auto en vertrekken wij richting Franeker waar we samen met 26 andere “peddelaars” precies om 09.00 uur zullen vertrekken. Voor mij is het de eerste keer en voor Jildau de 3e keer. Niet gehinderd door enige kennis maak ik mijn kano klaar, nemen we nog wat te eten en te drinken, wordt er een groepsfoto gemaakt en klinkt om 09.00 uur de bel van de start. Via een Le Mans start gaan we allemaal te water en maken we onze eerste peddelslagen richting Dokkum, de eerste van de Elf steden die gaan volgen. Al snel wordt duidelijk dat ik niet de snelste kanoër van het stel ben. Na nog geen 30 minuten zijn de meeste peddelaars al uit het zicht verdwenen. En dan te bedenken dat je dan nog ruim 30 uur te gaan hebt (met kanoën ga je ongeveer 7 km gemiddeld per uur). Gelukkig blijft Jildau aan mijn zijde en verloopt het eerste stuk volgens plan. Rustig maar gestaag komen we bij Bartlehiem aan en gaan we via de Dokkumer Ee richting Dokkum. Nadat we Birdaard gepasseerd zijn komen de eerste peddelaars ons al weer tegemoet. Dat betekent dat op dit stuk de eersten al bijna twee uur voorsprong hebben.
DOKKUM
In Dokkum komen we als laatste door, maar omdat Jildau en ik afgesproken hebben niet langer dan 20 minuten te pauzeren, vertrekken we niet als laatsten weer richting Leeuwarden. De Dokkumer Ee richting Leeuwarden is een stuk zwaarder dan richting Dokkum. Door de stroming (ze zijn aan het spuien) gaat het niet zo snel. En in de buurt van Bartlehiem kan ik Jildau niet meer bijhouden. Inwendig zie ik het niet meer zitten en denk op dat moment “als het zo blijft ga ik Leeuwarden niet eens halen”.
Wellicht moet ik hier ook even vertellen dat dit jaar ook het eerste jaar is dat ik kano. Jildau kanoot al haar hele leven en vraagt al jaren of ik eens mee wil gaan. In 2010 heb ik de stoute schoenen aangetrokken en heb ik in de maand juli van 2010 de Elfstedentocht in 6 dagen samen met haar gedaan. Elke dag rond de 35 km in een geleende kano van mijn schoonvader. Met vooral veel pijn en moeite heb ik die volbracht. Vooral de eerste drie dagen bleken dusdanig zwaar (Tja gek hé als je nog nooit verder hebt gekanood dan 10 km) dat ik van de pijn in mijn armen niet heb kunnen slapen. Na die drie dagen slikte ik mijn trots in en heb aan een medepeddelaar Bouke Steensma, een oud Nederlands Kampioen lange afstanden, techniek tips gevraagd. Met de nodige techniek aanpassingen heb ik de 6 dagen volgehouden met de broodnodige nachtrust. En nadat ik deze zes dagen had volgehouden vond één van de andere deelnemers het nodig om mij uit te dagen. Want zo stelde hij: als je dit volhoudt kun je ook de Elfstedentocht Non Stop volhouden”. En zo zit ik dus twee maanden later, op de Dokkumer Ee, na de eerste stad van de Elfsteden al te denken aan opgeven.
De kano wil niet lopen en het wordt steeds zwaarder. Na enig overleg met Jildau komen we erachter dat er iets mis is met de kano (een kano die ik een maand eerder had gekocht via marktplaats en twee tochten, 1 van 30 km en 1 van 60 km, mee had gedaan als extra voorbereiding). De skeg onder de kano blijkt stuk te zijn en hierdoor blijft drijvend gras, riet en andere rotzooi achter de skeg hangen. Het euvel is gevonden. Tussen Bartlehiem en Leeuwarden halen we een aantal maal de rotzooi weg.
LEEUWARDEN
In Leeuwarden repareren we de skeg provisorisch met duct-tape. Na een korte maaltijd en een pauze van 40 minuten gaan we vanaf de Prinsentuin weer verder richting Sneek. Halverwege de Zwette begint het langzaam donkerder te worden.
SNEEK
Rond 23.00 uur lopen we Sneek binnen. In Sneek voel ik mij prima. Ietwat stijf kom ik uit de kano, schone kleren aan en wat eten en we kunnen weer verder richting IJlst en Sloten.
IJLST
Bij IJlst aangekomen, we hebben er dan 16 uur en 100 km opzitten, komen we twee kanoërs tegemoet. Verbaasd spreken we ze aan waarbij bleek dat één van de twee last had van hallucinaties. Niet bestand tegen de afstand en het kanoën in het donker leverde “vreemde” beelden bij hem op waardoor hij genoodzaakt was om te stoppen in IJlst. Toch even een moment waarbij je stil staat en denkt; “waar ben ik in godsnaam mee bezig”. Nogmaals, niet gehinderd door enige kennis ga ik gewoon door en peddel ik samen met Jildau verder. Als we om de hoek komen bij Nijezijl zien we de lampen van de brug bij Osingahuizen branden. Velrood waarbij de illusie ontstaat dat je er al vlak bij bent gaan we met goede moed verder. Inmiddels hebben we door onze korte pauzes diverse kanoërs ingehaald en is de groep waarmee we varen groter geworden. Op zich heel prettig want je mag vanwege veiligheidscriteria niet alleen kanoën. Omdat er op het water geen begeleiding is ben je op elkaar aangewezen voor de duur van de tocht. Inmiddels zijn we in Woudsend aangekomen en gaan we in het donker het Slotermeer op. In de nacht heb je verbazingwekkend veel zicht. Veel meer dan ik vooraf gedacht had en dus vinden we de ingang naar sloten makkelijk.
SLOTEN
In Sloten staan de hulptroepen weer met warm eten en drinken klaar en gaan we na een 15 minuten pauze richting Balk, door de Luts richting Galamadammen. Vooral het stuk over het Slotermeer vind ik geweldig. Bladstil en veel zicht op de sterren aan de hemel. En Ja, ik voel me nog steeds erg goed. Aangekomen bij de Luts wordt het mistig. In de Luts wordt het erger en erger en aan het einde van de Luts zien we geen hand voor ogen. In het donker, in de mist de Ald Karre op en zoeken. Bij de Galamadammen aangekomen zien we nog steeds geen hand voor ogen en dus ook niet de betonning op de Morra. En zo’n stuk water blijkt dan groter en lastiger dan overdag.
STAVOREN
Tenslotte bereiken we Stavoren. In de ochtendgloren kunnen we even een wat langere pauze houden en even lekker douchen in het havengebouw. Na wat eten en drinken gaan we met een groep van 7 peddelaars richting Workum. Binnendijks peddelen we verder en hebben een aantal kanoërs het moeilijk. Het overslaan van de nacht blijkt toch een serieuze opgave.
HINDELOOPEN
Vlak voor Hindeloopen is het dan ook raak. Er valt er één al peddelend in slaap. Hij maakt slagzij en wordt onder water wakker. Gelukkig is het niet diep en kan hij de kant makkelijk bereiken. En zoals een ervaren kanoër betaamt heeft hij een handdoek en droge kleren bij zich. Dus even omkleden en verder gaan we weer.
WORKUM
Bij Workum kort rusten bij de melkfabriek om wat te eten en te drinken. Want goed eten en drinken blijft belangrijk. Als je eenmaal de hongerklop krijgt kun je het verder wel vergeten. Na Workum zit bij mij de gang er weer goed in. Ik voel me opperbest, heb zelf geen enkel moment last gehad van het overslaan van de nacht en mijn lichaam voelt nog prima.
BOLSWARD
In Bolsward aangekomen voelt het niet alsof ik al 170 km in een kano zit. Goed gemutst gaan Jildau en ik weer op weg samen met de ander vijf deelnemers. En dan komt ie…. de man met de hamer. Ik ben Bolsward nog niet uit of ik zak als een plumpudding in elkaar. Alles doet pijn, het tempo is er uit en mijn achterwerk doet ongelofelijk veel pijn. Zo goed als ik mij tien minuten daarvoor nog voelde, zo slecht voel ik mij op weg naar Harlingen.
HARLINGEN
Het laatste stuk voor en in Harlingen voelt als een martelgang. Alles doet zeer. Iemand stelt voor om in Harlingen uit de kano te gaan bij de laatste stempelpost om kort te pauzeren. Het enige wat ik kan zeggen is: “als ik hier de kano uitga kom ik er niet meer in en stop ik hier”. Met nog maar 7 km te gaan lijkt het einde nabij maar ook ongelofelijk ver weg. Ik verbijt mijn pijn, wacht in mijn kano totdat de anderen kort hebben gepauzeerd en vertrek al langzaam richting Franeker over het van Harinxmakanaal. Met pijn en moeite en met een snelheid van nog geen 6 km per uur komt Franeker in zicht. Peddelslag voor peddelslag zie ik de laatste horde, de (voormalige lage) brug in Franeker. Een vervelend obstakel omdat hij voor veel kanoërs te laag is om onderdoor te komen. Met pijn in mijn rug, armen en benen wring ik mij in een bocht voorover om zo plat mogelijk op het dek van mijn kano te liggen. Dubbelgevouwen trek ik mijzelf onder de brug door. Nog 500 meter en de finish is een feit. Bij het clubgebouw van kano vereniging Onder De Wadden worden we met luid applaus ontvangen. Familie, vrienden, de begeleidingsploeg en de kanoërs die voor ons binnen zijn gekomen staan langs de wal. Het zit erop. 170 Km zonder opzienbarende problemen en 30 km met pijn en afzien. Ik probeer uit mijn kano te komen maar zonder succes. Geen kracht meer in mijn benen, armen en mijn achterwerk doet dusdanig veel pijn dat ik me nauwelijks kan bewegen. Bouke Steensma, een boom van een kerel die deze tocht binnen 24 uur heeft gepeddeld en ruim tien uur voor ons is aangekomen, pakt mij bij mijn armen en tilt mij in één beweging uit de kano. Kapot, moe, met een pijnlijk lichaam neem ik de felicitaties in ontvangst.
Mijn eerste Elfstedentocht (überhaupt) zit erop. Gelukkig was de start op vrijdag en is de finish op zaterdag dus hebben we een hele zondag om bij te komen…. Maandag gaat de wekker immers weer vroeg en roept het werk. Maar om eerlijk te zijn heeft het bijna een jaar geduurd voordat ik alle lichamelijke klachten kwijt was na deze monster tocht.
En Jildau? Wel Jildau zat maandagavond al weer fris en fruitig op de racefiets met haar clubgenootjes van de schaatsvereniging de IJsster, alsof er niets gebeurd was.
Uiteindelijk hebben 19 peddelaars de tocht volbracht.
Gurbe Wiarda